Tijgers in het Similipal Tiger Reserve in India verliezen snel hun strepen door genetische problemen die het gevolg zijn van succesvolle natuurbescherming, waarschuwen wetenschappers. Het reservaat beschermt de bedreigde Bengaalse tijger, maar de geïsoleerde populatie leidt tot inteelt, wat resulteert in verlies van vachtpatronen en mogelijke gezondheidsproblemen.
HLN-wetenschapsexpert Martijn Peters waarschuwt dat het succesverhaal van natuurherstel dreigt om te slaan in een genetische catastrofe. Tijgers in het reservaat vertonen tekenen van melanisme, waarbij donker pigment de oranje en zwarte strepen overstemt, waardoor ze bijna volledig zwart worden. Deze aandoening, pseudo-melanisme genoemd, is zeldzaam bij wilde tijgers, maar komt steeds vaker voor in Similipal.
De isolatie van het reservaat beperkt de genenstroom, wat een flessenhalseffect veroorzaakt. Studies tonen aan dat ongeveer 40% van de tijgers in Similipal dit strepenverlies vertoont, een scherp contrast met minder dan 1% in andere Indiase reservaten. Natuurbeschermers vrezen dat zonder ingrijpen de populatie te maken krijgt met ernstige gezondheidsproblemen, waaronder verminderde vruchtbaarheid en verhoogde vatbaarheid voor ziektes.






