De 81-jarige gepensioneerde Wiske moet nog jaren rondkomen met 1.130 euro per maand door een anomalie in de pensioenwetgeving, die haar afstraft omdat ze ooit spaargeld had. Dat blijkt uit een reportage van 27 oktober 2026.

Omdat ze haar eigen spaargeld had, had de staat al die jaren weinig kosten aan haar, zegt Wiske. Nu dat geld op is, is ze slechter af dan iemand die van in het begin niets had. Volgens de huidige regels moet ze zes jaar wachten op een verhoging van haar uitkering. "Ik moet zes jaar wachten op een verhoging. Maar tegen dan ben ik dood," aldus Wiske.

"De staat had al die jaren niet veel kosten aan mij, omdat ik nog spaargeld had. Maar nu het op is, ben ik slechter af dan iemand die van in het begin niks had."

Wiske wijst erop dat het systeem mensen die zuinig hebben geleefd, benadeelt: zolang ze nog vermogen had, kostte ze de overheid weinig, maar eens die buffer opgebruikt is, valt ze terug op een lager bedrag dan iemand zonder spaargeld.

CD&V wil een oplossing voorzien in de wet. De partij heeft nog geen details gegeven over de vorm van die wetswijziging of over het moment waarop ze wordt ingediend.