Mels van B. (47), verdachte in de Barendrechtse zedenzaak, richt zijn hoger beroep alleen op de hoogte van de straf die hem is opgelegd. Dat bleek op 15 oktober 2026 tijdens een zitting bij het gerechtshof in Den Haag.
De rechtbank veroordeelde Van B. in maart 2026 tot achttien jaar cel en tbs met dwangverpleging voor het jarenlang ernstig seksueel misbruiken van jonge meisjes.
Tijdens de zitting in Den Haag op 15 oktober 2026 werd duidelijk dat het hoger beroep uitsluitend gaat over de strafmaat. De zaak staat bekend als de Barendrechtse zedenzaak.






