De Franse extreemrechtse politica Marine Le Pen blijft presidentskandidaat, ondanks haar veroordeling in hoger beroep voor fraude met Europees geld. Het hof van beroep in Parijs legde haar op 8 juli 2026 een celstraf van drie jaar op, maar paste de straf zodanig aan dat ze verkiesbaar blijft. Haar advocaten willen met een juridische truc voorkomen dat ze een enkelband moet dragen, met het argument dat de kiezer het laatste woord moet hebben.
Le Pen (57) werd schuldig bevonden aan het misbruiken van miljoenen euro's aan Europees Parlementsgeld voor het betalen van partijpersoneel. De rechter bevestigde de schuld maar verlaagde de straf, waardoor ze mag meedoen aan de komende presidentsverkiezingen. De leider van het Rassemblement National bevestigde onmiddellijk haar kandidatuur en zei de campagne voort te zetten.
Het vonnis leidde tot discussie. Gerolf Annemans, Europarlementariër voor Vlaams Belang, noemde een uitsluiting van Le Pen van de verkiezingen 'een enorme schending van de democratie.' Hij denkt dat de rechtszaak haar politiek zal helpen. Le Pen zelf bestempelde de uitspraak als een politieke aanval en benadrukte dat alleen de kiezers over het presidentschap mogen beslissen.






